Mensen die gebruik maken van zorg en ondersteuning in het sociaal domein kunnen te maken krijgen met vervelende situaties, ook als die niet zo bedoeld zijn. Soms kunnen deze nare incidenten zelfs leiden tot lichamelijke of psychische schade. Dit worden calamiteiten of incidenten genoemd. De precieze definitie en wat te doen als hier sprake van is, hangt af van de wetgeving en onder welke toezichthouder de verantwoordelijke organisatie valt.
Calamiteiten en incidenten moeten gemeld worden bij de verantwoordelijke toezichthouder(s). Toezicht Sociaal Domein (TSD) is geen meldpunt voor calamiteiten of incidenten.
Soms kunnen vervelende situaties leiden tot een klacht. Of u wilt uw zorg delen als signaal om te voorkomen dat er iets mis gaat. Wat u met de klacht of met het signaal kunt doen, hangt af van waar de klacht of het signaal over gaat. Gaat deze over een organisatie zelf, volg dan eerst de klachtenprocedure van de organisatie.
De klacht of het signaal kunt u (later) ook melden bij de betreffende toezichthouder(s). Die bekijkt zelf wat er met de klacht of het signaal gebeurt. Klachten of signalen over een professional kunt u ook melden bij het betreffende beroepsregister of tuchtcollege.
Bent u niet tevreden over de klachtbehandeling, dan kan de Nationale Ombudsman meedenken. Deze onafhankelijke organisatie kan ook klachten in behandeling nemen. TSD is geen meldpunt voor klachten of signalen.
De verplichting om te melden ligt bij de aanbieder van zorg en ondersteuning. Een organisatie die een calamiteit niet (of niet meteen) meldt, is strafbaar en kan een boete krijgen.
Er zijn twee situaties mogelijk:
- De aanbieder is een organisatie buiten de gemeente, bijvoorbeeld een instelling voor jeugdhulp. In dat geval is de gemeente niet verplicht om de calamiteit te melden. Dat wil niet zeggen dat de gemeente niet mag melden. Maar zo'n melding komt voor de rijksinspecties niet in de plaats van de verplichte melding door de aanbieder.
- De gemeente is zelf aanbieder van zorg en ondersteuning. Ambtenaren in een wijkteam bieden bijvoorbeeld jeugdhulp voor of namens de gemeente. In dat geval is de gemeente verplicht om de calamiteit te melden.
Neem bij twijfel contact op met de rijksinspectie die toezicht houdt op de organisatie waar de calamiteit heeft plaatsgevonden. Een gemeente kan bij de rijksinspectie ook navragen of de betrokken aanbieder de calamiteit gemeld heeft en of de rijksinspectie een onderzoek instelt.
De rijksinspectie en de lokale Wmo-toezichthouder leggen contact met elkaar als zij gezamenlijk een toezichtstaak hebben. Zij maken afspraken over hoe zij het toezicht uitvoeren, hoe zij communiceren met alle betrokkenen en hoe eventuele verdere samenwerking vorm kan krijgen.
Stel uw vraag
Staat uw vraag hier niet tussen? Stel uw vraag dan via ons contactformulier.