Deze tijdlijn brengt het belang van informatie-uitwisseling in het sociaal domein in beeld. Vanuit het perspectief van de leerkracht worden herkenbare afwegingen belicht.
Leerkracht Leanne Berrevoets
Dilemma
Kun je als professional je zorgen uiten bij de jeugdhulpverlener uit het wijkteam en op welke grond?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
De leerkracht dient eerst toestemming aan de ouders te vragen voor ze in contact kan treden met de jeugdhulpverlener over hun situatie. Ze zou dan met hen moeten bespreken dat ze contact wil opnemen en waarom. De leerkracht kan bijvoorbeeld uitleggen dat zij Damian beter kan helpen met zijn dwarse gedrag als ze beter weet wat er thuis speelt. Als de ouders geen toestemming geven, kan de leerkracht de stappen van de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling volgen. Dit begint met het in kaart brengen van de signalen van vermoedelijke kindermishandeling. Vervolgens dient ze deze te bespreken met een collega en met de ouders. Daarna dient ze af te wegen of een melding bij Veilig Thuis nodig is.
Daarnaast kan de leerkracht haar betrokkenheid bij het kind melden in de landelijke Verwijs Index Risicojongeren (VIR). De VIR is bedoeld om vroegtijdig risicofactoren te signaleren die een jeugdige in zijn ontwikkeling naar volwassenheid kunnen belemmeren. In de Jeugdwet (art. 7.1.4.1) is een lijst van risicofactoren opgenomen. Die zijn vrij ruim geformuleerd. Op deze wijze biedt de wet zowel zekerheid als flexibiliteit.
Relevante links
Dilemma
Welke informatie kun je als professional informeel delen?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
Dilemma
Wat kan een leerkracht doen met signalen van onveiligheid of verwaarlozing?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
Als er signalen over onveiligheid zijn, kan de leerkracht deze in eerste instantie met de ouders bespreken. En met hun toestemming hierover spreken met de jeugdhulpverlener. Geven de ouders geen toestemming dan kan de leerkracht de stappen van de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling volgen. Dit begint met het in kaart brengen van de signalen van vermoedelijke kindermishandeling. Vervolgens dient ze deze te bespreken met een collega en met de ouders. Daarna dient ze af te wegen of een melding bij Veilig Thuis nodig is.
Daarnaast kan de schoor haar betrokkenheid bij Damian melden in de landelijke Verwijs Index Risicojongeren (VIR). De VIR is bedoeld om vroegtijdig risicofactoren te signaleren die een jeugdige in zijn ontwikkeling naar volwassenheid kunnen belemmeren. In de Jeugdwet (art. 7.1.4.1) is een lijst van risicofactoren opgenomen. Die risico’s zijn vrij ruim geformuleerd. Op deze wijze biedt de wet zowel zekerheid als flexibiliteit.
Relevante links
Dilemma
Wanneer en op welke gronden is een registratie in de VIR gewenst?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
De wijkteammedewerker en leerkracht kunnen in de VIR hun betrokkenheid registreren bij een aantal risicofactoren. Denk aan de blootstelling aan geweld (vanwege de ruzies tussen de ouders), de verwaarlozing (het zonder ontbijt verschijnen op school), de ernstige opgroeiproblemen (teruggetrokken zijn en dwars gedrag gedurende maanden) en omdat de ouders ernstig tekort schieten in de verzorging en opvoeding van de jeugdige. Eén van deze factoren (zie lijst met risicofactoren Jeugdwet art 7.1.4.1) is al genoeg voor een melding in de VIR. Door de registratie kunnen andere professionals die zich zorgen maken via de VIR met de school en het wijkteam in contact komen. Binnen de kaders van de privacy wetgeving en het beroepsgeheim kan dan informatie worden uitgewisseld. Als meerdere dienst- en hulpverleners een melding in de VIR maken wordt de situatie waarschijnlijk als zorgelijker ervaren. Willen professionals informatie delen, dan dient uiteraard eerst weer toestemming aan de ouders gevraagd te worden. Komt die er niet, dan kunnen bij het gezin betrokken hulpverleners ook zonder toestemming van de cliënt met elkaar overleggen om vermoedens van opgroeibelemmering te toetsen. Of om hulp onderling af te stemmen. Het achterwege laten van toestemming vragen kan ook. Dat gebeurt bijvoorbeeld uit vrees voor de veiligheid van de kinderen uit het gezin.
Het is aan de hulpverlener om uit te maken of overleg met een betrokken professional nodig is of niet. Zo kan een overweging zijn dat op die manier een melding bij Veilig Thuis wellicht is te voorkomen of dat deze beter is te onderbouwen. De zorgplicht van de hulpverlener jegens het kind, zoals deze voortvloeit uit het vereiste van goed hulpverlenerschap, brengt dan met zich mee dat de hulpverlener zich daarvoor inspant.
Het kan onvermijdelijk zijn dat de hulpverlener overlegt met andere professionals om te weten of zijn vermoeden door hen wordt herkend of niet, zo nodig zonder toestemming van de ouders of wettelijke vertegenwoordigers. Als de zorgen worden bevestigd, dient de hulpverlener de stappen uit de Meldcode te volgen.
Relevante links
Dilemma
Wanneer en op welke gronden is een melding bij Veilig Thuis gewenst?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
De leerkracht kan de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling volgen bij signalen van kindermishandeling: ze brengt de signalen nogmaals in kaart, bespreekt ze met een collega en met de ouders. Als ze inziet dat de ingezette hulp niet bijdraagt aan een verbetering van de situatie voor Damian, kan ze daarna een melding maken van de situatie bij Veilig Thuis. Het is belangrijk dat ze de ouders op de hoogte stelt van deze melding. Hun toestemming is daarvoor niet nodig: ze kan ook zonder toestemming van de ouders Veilig Thuis inlichten. Veilig Thuis kan ook in een eerder stadium worden geconsulteerd voor advies, dit kan anoniem.
Relevante links
Leerkracht II
Dilemma
Kan een professional registreren in de landelijke Verwijs Index Risicojongeren zonder toestemming van de cliënt of zijn ouder(s)?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
Dilemma
Wat kan een school doen bij ongewenst escalerend gedrag van een leerling dat hij ook thuis laat zien?Wat kun je als professional doen? Lees de toelichting hieronder.
Bij vermoedens van kindermishandeling of huiselijk geweld kan de leerkracht een aantal stappen zetten. Als er nog geen hulp is in het gezin, is het voor hem lastig om contact op te nemen met een professional. In dat geval is het verstandig dat de leerkracht de stappen van de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling volgt. Dit begint met het in kaart brengen van de signalen van vermoedelijke kindermishandeling. Vervolgens dient hij deze te bespreken met een collega, zoals de intern begeleider, en met de ouders. Daarna dient hij af te wegen of een melding bij Veilig Thuis nodig is.
Daarnaast kan de leerkracht zijn betrokkenheid bij het kind melden in de landelijke Verwijs Index Risicojongeren (VIR). De VIR is bedoeld om vroegtijdig risicofactoren te signaleren die een jeugdige in zijn ontwikkeling naar volwassenheid kunnen belemmeren. Een professional kan tot een melding in de VIR overgaan als sprake is risico’s. In de Jeugdwet (art. 7.1.4.1) is een lijst van risicofactoren opgenomen. Die zijn vrij ruim geformuleerd. Op deze wijze biedt de wet zowel zekerheid als flexibiliteit. Het is noodzakelijk dat de leerkracht de ouders over de melding informeert.